jump to navigation

Alles voor kalksteen november 8, 2002

Posted by Maurice Swirc in Column Binnenlands Bestuur, Milieu & ruimtelijke ordening.
trackback

De Eerste Nederlandse Cement Industrie (ENCI) pompt al tientallen jaren grote hoeveelheden grondwater weg om kalksteen te winnen in de groeve Sint Pietersberg bij Maastricht. Op 31 juli 2002 oordeelt de Raad van State dat de provincie Limburg te weinig haar best doet om de gevolgen van de grondwateronttrekking in kaart te brengen en vernietigt de vergunning voor de kalksteenwinning. Toch blijkt deze uitspraak de provincie en de ENCI in de praktijk niet de belemmeren in hun plannen.


In 1993 verleent de provincie een vergunning aan de ENCI om jaarlijks tot 1 miljoen kubieke meter grondwater te onttrekken aan de Limburgse bodem. In 2000 krijgt de ENCI een vergunning om vanaf 2008 jaarlijks 100.000 kubieke meter extra te onttrekken ten opzichte van de vergunning uit 1993. Verschillende milieugroeperingen strijden al jaren tegen de kalksteenwinning bij de Sint Pietersberg. Zij wijzen op de ingrijpende gevolgen voor het landschap. Deze milieugroeperingen en de Belgische gemeente Riemst gaan in beroep tegen het besluit van de provincie bij de Raad van State. Zij stellen onder meer dat de provincie volgens het eigen beleid moet aantonen dat de nieuwe hoeveelheid gewonnen grondwater geen nadelige effecten heeft voor de regio. De milieugroeperingen wijzen op de reeds geconstateerde boomsterfte als gevolg van daling van het grondwaterpeil. Door nieuwe onttrekkingen zal die alleen maar toenemen, menen zij.

De provincie stelt dat het grondwaterpeil de afgelopen jaren helemaal niet is gedaald. Verder wordt elders in de regio minder water onttrokken, waardoor de onderhavige onttrekking geen nadelige effecten heeft voor de regio. De Raad van State vindt dat het een niet automatisch leidt tot het ander en verwerpt deze argumentatie. Het grondwaterpeil is wel degelijk gedaald, aldus de staatsraden. Zij concluderen dat de provincie te weinig vooronderzoek heeft verricht. Daarmee handelt de provincie in strijd met het eigen provinciaal beleid. De Raad van State vernietigt de vergunning.

Professor Van Hall uit Utrecht stond dit jaar aan het hoofd van een commissie die in mei de regering adviseerde over nieuwe waterstandswetgeving. Hij stelde onlangs in het blad Administratiefrechtelijke Beslissingen dat de praktische gevolgen van de uitspraak van de Raad van State voor de provincie en de ENCI zeer beperkt zijn. Van Hall licht zijn woorden toe: ‘De ENCI valt voorlopig terug op de nog steeds geldende vergunning uit 1993. De provincie herstelt intussen het gebrek in de nieuwe vergunning en dan gaat de ENCI uiteindelijk met een “juridisch gave” vergunning gewoon door met onttrekkingen.’ Van Hall vindt dat bij beslissingen als deze niet de rechter maar de politiek een centrale rol moet spelen. ‘De aanvraag voor grote grondwateronttrekkingen over vele jaren vraagt om een ruimere en bredere belangenafwegingen dan kan plaatsvinden bij de rechter. Limburg heeft een vorm en ligging waardoor de implicaties van de waterhuishouding zich uitstrekken ver over provincie- en nationale grenzen heen. De bezwaarmakers vragen om een duidelijke politieke keuze en gelijk hebben ze. Het is de provincie die moet komen tot een integrale belangenafweging.’

Paul van Noorden – woordvoerder van de provincie – wil weinig kwijt over de groeve Sint Pietersberg. In reactie op de woorden van Van Hall zegt hij: ‘Het is mooi als geleerden meedenken, maar we hébben al een belangenafweging gemaakt door deze vergunning te verlenen. Die is door de rechter getoetst en nu moeten we ons huiswerk opnieuw doen. Zo simpel is het.’

Verschenen in Binnenlands Bestuur op 8 november 2002.


Reacties»

No comments yet — be the first.