jump to navigation

Monumentale hofjes september 5, 2003

Posted by Maurice Swirc in Column Binnenlands Bestuur, Milieu & ruimtelijke ordening, Monumentenzorg.
trackback

B en W van Den Haag verlenen in augustus 2000 een sloopvergunning voor twee monumentale arbeidershofjes in het Scheveningse Duindorp. De Vereniging Monumentaal Duindorp vindt dat deze rijksmonumenten uit begin twintigste eeuw niet moeten worden gesloopt maar gerenoveerd.  

In de hofjes woont een hechte autochtone gemeenschap. De hofjes moeten plaats maken voor een smaakvol achter de duinen gelegen woonwijk, die voor de helft zal bestaan uit koopwoningen en voor de helft uit huurwoningen. De Raad van State veegt in augustus 2003 de argumenten van de vereniging tegen de sloopvergunning van tafel. Toch betekent dit niet het definitieve einde van de hofjes. Vestia – de voormalige gemeentelijke dienst volkshuisvesting – vraagt de sloopvergunning aan en noemt verschillende belangen die pleiten voor sloop van de Pluvierhof en de Meeuwenhof.

Volgens de Vereniging Monumentaal Duindorp is een aantal van die genoemde belangen in dit kader niet relevant, zoals de geringe woontechnische kwaliteit van de woningen en de sociale problemen die voortkomen uit de vormgeving van de hofjes. Alleen de slechte bouwkundige staat van de woningen en de financiële gevolgen van renovatie mogen B en W in de besluitvorming betrekken, zo stelt de vereniging. Uit eerdere jurisprudentie en de wetsgeschiedenis volgt dat een sloopvergunning van een rijksmonument alleen mag worden verleend bij een uitzonderlijke noodzaak tot sloop en bij bijzondere omstandigheden. Daar is hier geen sprake van. Hoe dan ook vindt de vereniging dat de belangen van Vestia minder zwaar wegen dan de belangen die pleiten voor behoud van de rijksmonumenten. Tenslotte stelt de vereniging dat B en W vooringenomen zijn doordat zij jaren geleden al een convenant sloot met onder meer Vestia en de bewonersraad dat sloop wenselijk is. Het college is daardoor geen onpartijdig bestuursorgaan.

Volgens de Raad van State mogen B en W wel degelijk alle genoemde belangen meewegen in de besluitvorming. Het college motiveert vervolgens met het oog op de Monumentenwet voldoende waarom de door Vestia genoemde belangen prevaleren. De jurisprudentie en de wetsgeschiedenis geeft de Vereniging Monumentaal Duindorp ook ongelijk. De stelling dat het college vooringenomen is doordat het een convenant sloot klopt evenmin. Immers, in het convenant wordt sloop niet genoemd als vaststaand gegeven maar als een nog nader uit te werken uitgangspunt. B en W verleenden terecht een sloopvergunning.

‘Het gaat hier om de oudste sociale woningbouw van Den Haag’ zegt Peter Bos van de Vereniging Monumentaal Duindorp. ‘Van dit soort volkshuisvesting is in Den Haag helemaal niets over.’ Toch is er volgens Bos – die ook actief is in de linkse Haagse Stadspartij – nog steeds hoop voor de hofjes. ‘Sinds een jaar heeft Vestia een autochtone Schevinger als directeur, Aalt Maaswinkel. Hij vertelde mij onder vier ogen dat hij de hofjes wil behouden. Hoe dan ook duurt het nog jaren voordat sloop kan plaatsvinden omdat eerst andere procedures moeten worden doorlopen. Ik hoop dat de gemeente in de tussentijd ook het licht ziet en kiest voor renovatie.’

Maaswinkel: ‘De structuur van de hofjes willen we in elk geval behouden, met nieuwe bebouwing óf door renovatie. Of dit laatste mogelijk is, bepalen we aan de hand van nader te verrichten onderzoek. Ook willen we meer betaalbare huurwoningen plannen in plaats van koopwoningen.’ PvdA-wethouder Arend Hilhorst van Ruimtelijke Ordening wil nog niet veel kwijt over deze draai van Vestia. ‘Ik wacht de plannen gewoon af. Vestia is nu aan zet.’ Een groter aandeel huurwoningen is wat Hilhorst betreft bespreekbaar. ‘Vijf jaar geleden spraken we af dat de helft uit koopwoningen zou bestaan. Daar kunnen we eventueel binnen bepaalde marges van afwijken.’

Verschenen als juridische column in Binnenlands Bestuur op 5 spetember 2003.

Reacties»

No comments yet — be the first.