jump to navigation

Vrijstaat Maasdriel oktober 17, 2003

Posted by Maurice Swirc in Column Binnenlands Bestuur, Integriteit, Milieu & ruimtelijke ordening.
trackback

Gedeputeerde Staten van Gelderland torpederen in juni van dit jaar het bestemmingsplan buitengebied van de gemeente Maasdriel. Een dergelijk veto komt in Nederland niet vaak voor. Maar er is in Maasdriel dan ook wel erg veel mis.

Het bestemmingsplan kwam tot stand in een sfeer van achterkamertjes, vriendjespolitiek en bestuurlijke onwil. De gevolgen ervan zijn zichtbaar. In het land tussen Maas en Waal bevindt zich een structuurloze lappendeken aan gigantische huizen en bedrijfshallen.

De lijst met verwijten van GS aan het adres van het gemeentebestuur is lang. Zo biedt het in 2002 vastgestelde plan ongecontroleerde groeimogelijkheden aan met name de champignonteelt en de glastuinbouw. Dergelijke uitbreidingen zijn in strijd met het streekplan. De gemeente voerde hier – in strijd met de Wet milieubeheer – geen milieueffectrapportages uit. Het bestemmingsplan kent bouwruimte toe aan boerenbedrijven die inmiddels buiten gebruik zijn. Ook signaleert de provincie zestien ‘niet-legale’ industriële bedrijven die niet thuishoren in het buitengebied. Verder verwerpt de provincie de uitbreiding van een golfbaan in een beschermd uiterwaardengebied. Ingediende bezwaren van burgers worden door de gemeente met een paar zinnen afgedaan, wat in strijd is met het zorgvuldigheidsbeginsel.

Binnen een jaar moet Maasdriel komen met een compleet nieuw bestemmingsplan dat wél in overeenstemming is met provinciaal- en rijksbeleid. Daarop kondigt het gemeentebestuur aan in beroep te gaan bij de Raad van State tegen het ‘uitermate onheuse’ GS-besluit. Later besluiten de bestuurders dat toch maar niet doen. Hoe dan ook kost de aanpassing van het plan – naast veel tijd – ongeveer 200.000 euro extra.

In de maanden na het GS-besluit verschijnt in het Brabants Dagblad een reeks onthullende artikelen over de verziekte bestuurscultuur in Maasdriel. Hieruit blijkt dat ondernemers al jaren gewoon hun gang kunnen gaan, gefaciliteerd door politici, bestuurders en ambtenaren. Met name Ko Hooijmans – VVD-wethouder ruimtelijke ordening tot vorig jaar – kende geen enkele schroom. Zo krijgen zijn broer en neef – in strijd met het bestemmingsplan – jarenlang diverse bouwvergunningen voor het uitbreiden van hun compostbedrijf. Dat het bedrijf zorgt voor stankoverlast in de wijde omgeving en voor stervende koeien bij de buurman, lijkt geen factor van belang. Vlak voordat Hooijmans moet aftreden als wethouder krijgt hij van zijn bestuurlijke vrienden toestemming voor het bouwen van een landhuis dat uittorent op een heuvel in het buitengebied, waar dergelijke nieuwbouw verboden is. Nu is Hooijmans fractievoorzitter van de oppositionele VVD. Cees Leenders (CDA) is de opvolger van Hooijmans en was ook wethouder in het vorige college. Hij weigert commentaar over het machtsmisbruik van Hooijmans omdat ‘het hier gaat om een voormalig collega’. Het besluit van de provincie noemt hij ‘zeer teleurstellend’. ‘Ze hadden ons eerder moeten inlichten over hun bezwaren. Nu stelde de provincie ons een dag voor haar besluit telefonisch op de hoogte.’

Leenders is het ook inhoudelijk oneens met de provincie. ‘Ik weet bijvoorbeeld niet of we verplicht zijn die milieu-effect-rapportages uit te voeren. Dat zullen we nog wel zien.’ Met deze houding lijkt de kans levensgroot dat de gemeente niet binnen de verplichte termijn met een deugdelijk nieuw bestemmingsplan komt. Het is afwachten of de provincie haar rug recht houdt en druk blijft uitoefenen op de gemeente.

Verschenen als juridische column in Binnenlands Bestuur op 17 oktober 2003.

Reacties»

No comments yet — be the first.