jump to navigation

Visserijoorlog september 9, 2005

Posted by Maurice Swirc in Column Binnenlands Bestuur, Overig.
trackback

Sportvissers en beroepsvissers voeren al jaren een stille oorlog tegen elkaar in Zuid-Holland. Volgens de hengelaars vissen de beroepsvissers de Zuid-Hollandse rivieren en meren leeg met verboden technieken. De beroepsvissers beschuldigen de hobbyvissers van het vernielen van netten en fuiken.

De Raad van State stelt paal en perk aan het overdragen van visrechten door beroepsvissers. Een overwinning voor de recreatieve vissers. Maar een oplossing voor de kern van de vissersconflicten is daarmee nog niet dichterbij. 

In de jaren negentig draagt beroepsvisser Kraan zijn bedrijf – de v.o.f. Kraan – over aan collega-beroepsvissers De Boer en Alleblas. In het kader daarvan nemen zij visrechten over op de Langeraarse plassen in de gemeente Ter Aar. De ongeveer zeventig particuliere eigenaren van een groot deel van deze plassen zijn daar niet blij mee en verenigen zich in de Vereniging Eigenaren Langeraarse Plassen (Velp). Sinds de overname is volgens hen sprake van een ‘haast industriële aanpak’. Zo doen de beroepsvissers aan elektrovisserij: door een stroomstoot komen vissen in een straal van tientallen meters vanzelf boven drijven. Aan de waterkant staan vervolgens vrachtwagens van twintig ton klaar om de vis af te voeren. In strijd met de regelgeving wordt ook ’s nachts gevist. De Boer en Alleblas zetten zelf geen vis uit, maar profiteren wel van vis die anderen uitzetten. Uit wraak laten hengelaars netten zinken. Het conflict loopt zelfs uit op een handgemeen. 

Velp stelt bij de Raad van State dat het waterschap in 1997 een huurcontract afsloot met de v.o.f. Kraan en niet met de twee beroepsvissers, die nu opereren onder de naam van de v.o.f Dat is in strijd met de Visserijwet waarin staat dat visrechten persoonsgebonden zijn. De staatsraden concluderen dat de huurovereenkomst met de v.of. inderdaad ongeldig is. De Boer en Allebas mogen niet meer vissen in de Langeraarse plassen. Aan beoordeling van de argumenten over illegale vistechnieken komen de staatsraden daardoor niet toe. 

‘Veel beroepsvissers gebruiken deze v.o.f.-truc’, zegt raadsman Mulder van Velp. ‘Dat maakt deze uitspraak belangrijk.’ Nog relevanter volgens Mulder is de langdurige weigering van het tweetal om plaats te nemen in de Langeraarse visstandbeheerscommissie. Daarin maken vissers en overheden afspraken over visvangst. In de visstandbeheerscommissie van de regio Zuid-West Nederland speelt hetzelfde probleem. Die commissie kwam nooit tot stand door de doorlopende weigering van de vijftien betrokken beroepsvissers, onder wie Wilken de Boer. ‘Als ik daarin plaatsneem, moet ik inleveren. Dat laat ik niet gebeuren,’ zegt De Boer, tevens secretaris van de belangenvereniging voor riviervissers. Een recent rapport van de Nederlandse vereniging voor sportvisfederaties (Nvvs) over de droevige visstand in de Nederlandse wateren, wuift hij weg. 

Volgens Jan-Willem Wijnstroom van de Nvvs moet de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit ingrijpen via de huurcontracten over de visrechten die hij sloot met de beroepsvissers. Daarin worden beroepsvissers verplicht om plaats te nemen in visstandbeheerscommissies. ‘Dat de minister dat niet afdwingt, heeft alles te maken met de ijzersterke Haagse lobby van de beroepsvissers’, zegt Wijnstroom. ‘Ze maken uitstekend gebruik van hun zogenaamde underdogpositie. Ook lokale bestuurders zijn meestal op hun hand.’ De Boer: ‘Die hengelaars maken ons zo ontzettend zwart. Karaktermoord is het.’

Verschenen als juridische column in Binnenlands Bestuur op 9 september 2005.

Reacties»

No comments yet — be the first.