Integriteitstoets seksbedrijf oktober 21, 2005
Posted by Maurice Swirc in Column Binnenlands Bestuur, Integriteit.trackback
Volgens burgemeester Wim Deetman van Den Haag blijkt uit onderzoek in het kader van de wet Bibob dat seksbedrijf ‘De Rode Lantaarn’ een dekmantel is voor criminele activiteiten. Deetman gelast sluiting van de vijf Haagse prostitutiepanden.
Bedrijfsleidster Wilma, bekend als de ‘koningin van de Geleenstraat’, vertelt in april aan de Telegraaf dat ze daarover héél boos is. Het onderzoek was in strijd met de wet, luidt haar stelling en ze stapt naar de rechter. Met een beroep op de wet Bibob kunnen overheden sinds 2003 via het bureau Bibob informatie krijgen van justitie en politie over de criminele antecedenten van aanvragers van een vergunning of subsidie. Wilma stelt dat een integriteitstoets via een Bibob-aanvraag alleen mag plaatsvinden bij verdenking van georganiseerde zware criminaliteit. Zij bestrijdt dat sprake is van de vermeende belastingfraude, witwassen, overtreding van prostitutiebepalingen en hygiënevoorschriften, illegale speelautomaten en niet bij het UWV aangemelde werknemers. De bedrijfsleidster waarschuwt voor het verlies van banen als gevolg van de sluiting. De burgemeester wijst op diverse door Wilma recentelijk gepleegde - deels ernstige - strafbare feiten. Die vormen zwaarwegende redenen om de bestaande vergunning in te trekken, een nieuwe vergunning te weigeren en het bedrijf te sluiten.
De veronderstelling dat een Bibob-adviesaaanvraag alleen mag plaatsvinden bij verdenking van georganiseerde zware criminaliteit, is volgens de Haagse bestuursrechter onjuist. Dat volgt uit de wet en de wetsgeschiedenis. Een bestuursorgaan moet wel eerst proberen om de informatie op een andere wijze te verkrijgen. Aan die plicht voldeed de Haagse burgemeester in de ogen van de rechter door eerst te informeren bij instanties als politie en GGD. Verder maakt het Bibob-advies wel degelijk aannemelijk dat het door de wet vereiste ‘ernstig gevaar’ bestaat dat de vergunning wordt gebruikt voor het plegen van strafbare feiten. De feiten en vermoedens in het advies komen immers uit verschillende bronnen en maken in onderlinge samenhang aannemelijk dat sprake is van witwassen. Ten slotte weegt het belang tot handhaving van wettelijke voorschriften zwaarder dan het betrokken bedrijfsbelang. De voorzieningenrechter geeft de gemeente volledig gelijk.
Er verschenen de afgelopen jaren maar weinig gerechtelijke uitspraken over de wet Bibob. C.L. Knijff, universitair docent bestuursrecht in Utrecht, wijt dat in het blad Administratiefrechtelijke Beslissingen onder meer aan het geringe gebruik van de wet door bestuursorganen. Uit het in mei verschenen jaarverslag Bibob blijkt dat met name de grootste gemeenten gebruik maken van de wet, maar in beperkte mate. Slechts twee provincies vonden de weg naar het bureau Bibob. Deetman schrijft in antwoord op vragen van de Haagse VVD-fractie dat de gemeente de wet gefaseerd invoert. Per 1 mei vindt ook toetsing van aanbestedingen op het terrein van bouw, ict en milieu plaats, naast de toets bij recreatie- en seksinrichtingen. Mogelijk vallen bouw- en milieuvergunningen in Den Haag later dit jaar onder Bibob. Intussen loopt bij de Haagse rechtbank nog een bodemprocedure over de gedwongen sluiting van Wilma’s sekspanden. Verschenen als juridische column in Binnenlands Bestuur op 21 oktober 2005.
Reacties»
No comments yet — be the first.