jump to navigation

Verwijderde spandoeken november 18, 2005

Posted by Maurice Swirc in Column Binnenlands Bestuur, Grondrechten.
trackback

De politie verwijderde de afgelopen tijd in verschillende steden spandoeken met teksten over minister Verdonk van Vreemdelingenzaken en Integratie. Dat gebeurde vanwege de smadelijke inhoud van de teksten en vanwege de dreigende situatie rondom de minister, luidt de toelichting van de autoriteiten. De vraag is of de overheid hier in strijd handelt met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens.


Burgemeester Cohen van Amsterdam liet – na overleg met het openbaar ministerie en politie – spandoeken van een kraakpand verwijderen met onder meer de teksten ‘Waarom mag je Mohammed een pedofiel noemen, maar Verdonk geen moordenaar?’en ‘Levend verbrand, Rita bedankt’. Later lichtte de burgemeester toe dat is ingegrepen vanwege een combinatie van smaad en de dreigende situatie rondom Verdonk. Toen hij die beslissing nam, ging hij er van uit dat de werkkamer van Verdonk was beschoten. Dat bleek later niet het geval. Twee krakers dagvaarden de Staat, burgemeester Cohen van Amsterdam en burgemeester Ter Horst van Nijmegen. De actievoerders eisen dat de kort geding rechter de gedaagden verbiedt om dergelijke spandoeken weg te halen.

‘Smaad was wat het Openbaar Ministerie betreft hier al voldoende grond voor inbeslagname van de spandoeken.’ zegt Robert Meulenbroek, woordvoerder van het Amsterdamse Openbaar Ministerie. Met name vanwege de context van de uitingen is het de vraag of hier wel sprake is van smaad en of de inbreuk op de vrijheid van meningsuiting gerechtvaardigd is. Het betreft hier namelijk een politiek debat over de brand in het detentiecentrum op Schiphol, een gebeurtenis die de maatschappij heeft geschokt. Los van de vraag of er wel een verband bestaat tussen de brand en het beleid van Verdonk werden de uitingen wel degelijk gedaan in het kader van dit debat.

Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens benadrukt dat publieke figuren zoals politici – die zelf hebben gekozen voor deze positie – meer uitingen moeten verdragen dan een gewone burger. Het Hof stelt verder dat er in een democratische samenleving ruimte moet zijn voor meningen ‘that offend, shock or disturb’. Tenslotte is smaad een delict waar een klacht voor nodig is en die diende Verdonk pas dagen na de spandoekverwijdering in. Daarmee lijkt de wettelijke basis te ontbreken die het Europese mensenrechtenverdrag vereist voor een inbreuk op de vrijheid van meningsuiting.

Tweede probleem is dat de spandoeken in beslag zijn genomen zonder dat het openbaar ministrie overging tot strafrechtelijke vervolging. Zo werd de actievoerders de mogelijkheid ontnomen om zich te verweren bij de rechter. Woordvoerder Meulenbroek: ‘De politie heeft niemand aangehouden, omdat niet duidelijk was wie de dader was.’ Advocaat Shuckink Kool stelt in de dagvaarding dat een van de krakers uitdrukkelijk zijn personalia opgaf om vervolging mogelijk te maken. Als dit verhaal van de kraker klopt, maken de autoriteiten ook inbreuk op een ander grondrecht dat voortvloeit uit verschillende mensenrechtenverdragen: het recht op een openbare behandeling van een zaak door een onafhankelijke rechtelijke instantie.

Wat de uitspraak van de kort geding rechter ook is op 18 november, duidelijk is dat de hoofdstedelijke autoriteiten op zijn minst slordig zijn omgegaan met de vrijheid van meningsuiting. In tijden van relatieve rust is het voor machthebbers minder ingewikkeld om te roepen dat ze grondrechten belangrijk vinden. Pas in tijden van crisis – zoals nu – wordt duidelijk of een grondrecht als de vrijheid van meningsuiting overeind blijft en wat onze democratie werkelijk waard is.

Verschenen als juridische column in Binnenlands Bestuur op 18 november 2005.

Reacties»

No comments yet — be the first.