Waterschap overvleugelt provincie Friesland april 24, 2006
Posted by Maurice Swirc in Nederlandse politiek.trackback
In 1997 fuseren zes waterschappen tot het Wetterskip Fryslân. De bestuurlijke verhoudingen rond het waterbeleid veranderen sindsdien ingrijpend. Waar de provincie vroeger verdeelde en heerste, eist het waterschap nu een leidende rol op.
De grondwet bepaalt dat waterschappen zorgdragen voor de waterstaatszorg onder toezicht van de provinciale besturen. In Friesland lijkt daar met de fusie van zes waterschappen steeds minder sprake van. Het Friese waterschap is sindsdien niet alleen qua grondgebied iets groter dan de provincie, maar overvleugelt naar eigen zeggen de provincie ook steeds meer beleidsmatig. Dat komt met name door de uitholling van de provinciale controlefunctie door een uittocht van ongeveer honderd provincieambtenaren met waterexpertise naar het waterschap. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om alle dertig medewerkers van de technische dienst waterzuiveringsinstallaties. Herre Kingma, locodijkgraaf van het Wetterskip Fryslân: ‘De provincie moet daardoor tegenwoordig expertise inhuren om ons te controleren. Eerlijk gezegd is die controle van onze besluiten meer een formaliteit. Dat komt door het gebrek aan kennis in het provinciehuis.’
Sylvia van Lieshout, afdelingshoofd Water van de provincie Friesland, constateert met spijt dat het nieuwe waterschapsbestuur ‘weinig historisch besef heeft’. Ze vervolgt: ‘De huidige bestuurders van het waterschap proberen zoveel mogelijk onderwerpen naar zich toe te trekken. Dat zorgt voor vervelende discussies die we vroeger niet hadden, terwijl er vanuit juridisch oogpunt eigenlijk niets is veranderd. Provinciale Staten zijn nog altijd de baas. Het waterschap is misschien wel wat belangrijker geworden door de fusie, maar het is nog altijd de provincie die bij grote afwegingen bepaalt wát er gebeurt. Het waterschap gaat over hóe het gaat.’
Volgens Alfred van Hall, hoogleraar waterschapsrecht in Utrecht, is de stem van waterschappen na de vele fusies met name sterker geworden in de meer landelijke gebieden zoals in het noorden en in Noord-Brabant. ‘Ik denk dat waterschappen daar in de praktijk inderdaad meer aan de touwtjes trekken dan vroeger. Daarbij gaat het ook om de grote ruimtelijke afwegingen,’ aldus Van Hall die zelf dijkgraaf is in Groningen. ‘De provincie moet bij fundamentele afwegingen over recreatie en landbouw nu gewoon meer rekening houden met het standpunt van waterschappen.’ In meer dichtbevolkte, stedelijke gebieden geldt dat in veel mindere mate, meent hij. ‘In het stedelijke westen ben je als waterschap een van de vele overlegorganen die meepraat. In landelijke gebieden is het waterschap in plaats van volgend simpelweg meer leidend geworden.’
Verschenen in PM, vaktijdschrift over bestuur en politiek op 13 april 2006
Reacties»
No comments yet — be the first.