Europees Hof in grote problemen door Russische chantage maart 1, 2007
Posted by Maurice Swirc in Internationale politiek.trackback
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg dreigt door Russische chantagepolitiek bedolven te worden door een berg achterstallige zaken. Egbert Myjer, de Nederlandse rechter in Straatsburg, luidt de noodklok.
Een wandeling door het gebouw van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens bevestigt direct de berichten over chronisch geldtekort van de belangrijkste Europese mensenrechtenwaakhond. Bezoekers worden bij binnenkomst welkom geheten door een dame op een afgeleefde, versleten houten barkruk. De tapijten in de gangen, op weg naar de kamers van de rechters en de ondersteunende juristen, zijn verbleekt en duidelijk aan vervanging toe. De eenvoudig ingerichte kantinezaal maakt een wel erg sobere indruk. Het contrast met het nabijgelegen gebouw van het Europees parlement kan nauwelijk groter zijn. Daar bewegen parlementsleden zich door glimmende gangen, kolossale hallen en hypermoderne vergaderruimten naar sjieke dinerzalen. Stijlvolle champagnebars staan tot ieders beschikking. ‘Het contrast is gigantisch. Alleen al het vertaalbudget van de Europese Unie bedraagt, inclusief het Gaellic, een miljard euro,’ zegt Egbert Myjer (59) op licht ironische toon in zijn Straatsburgse werkkamer. Ruim twee jaar is hij de Nederlandse rechter aan het Hof. ‘Alleen dat bedrag is al twintig keer ons jaarbudget. Dat is toch ongelofelijk?’ Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens maakt onderdeel uit van de Raad van Europa, de Europese organisatie voor mensenrechten en democratie in Straatsburg. De 46 lidstaten weigeren al jaren hun financiële bijdrage aan de Raad van Europa te verhogen.
Het afgelopen jaar kwam het recordaantal van 50.000 klachten binnen bij het Hof. Door gebrek aan voldoende ondersteunende juristen heeft het Hof inmiddels een achterstand van bijna honderdduizend zaken. Belangrijkste oorzaak is de uitbreiding in de jaren negentig met lidstaten uit het voormalige Oostblok, Rusland en voormalige Sovjetstaten als Azerbeidjan en Georgië. Die zorgen voor een grote stroom klachten en rechtzaken. Alleen het dictatoriale Wit Rusland is geen lid. In totaal kunnen nu 800 miljoen burgers eigenhandig een klacht indienen over marteling, vrijheid van meningsuiting maar ook over vrijheid van onderwijs. Myjer kijkt achteraf kritisch terug op de snelheid van toetreding. ‘Terugkijkend moet je zeggen dat daarbij onvoldoende is onderkend dat de hausse aan nieuwe zaken zo groot zou worden’ zegt Myjer, zorgvuldig zijn woorden kiezend. ‘Dat het nog wel werkbaar moest blijven, dat is achteraf gezien niet voldoende erkend. Men was zich onvoldoende bewust van de aantrekkingskracht van dit Hof,’ zegt Myjer. ‘Het water staat ons nu inmiddels tot aan de lippen. Er zal misschien toch een moment komen, dat het Hof zich moet beperken tot alleen zaken van leven en dood en menswaardige behandeling. Bijvoorbeeld acties van veiligheidstroepen in Tsjetsjenië.’
Dat ook Nederland al jaren weigert haar bijdrage te verhogen, zit Myjer hoog. ‘Ik vind het heel opmerkelijk dat ook in het nieuwe regeerakkoord van alles wordt gezegd over Europese samenwerking en de Europese Unie, terwijl het begrip Raad van Europa nergens voorkomt. Het nieuwe kabinet zou zich ervoor moeten inzetten dat de Raad van Europa afkomt van haar nuloptie, zodat ook het hof voldoende geld krijgt om zijn taken naar behoren te vervullen.’ Wel zegde Minister Hirsch Ballin van Justitie, na een persoonlijk verzoek van Myjer, drie jaar lang 50.000 euro extra toe, zodat de Nederlandse rechter een extra jurist kan aannemen. ‘Maar het is natuurlijk krankzinnig dat ik zo moet schooien. Dat hadden die landen al lang gezamenlijk moeten regelen.’ Myjer heeft overigens wel een verklaring voor de onwil bij landen om voor de Raad van Europa dieper in de buidel te tasten: ‘Bij de Raad van Europa gaat het om immateriële waarden. Bij de Europese Unie kan je geld verdienen. Het is veel leuker om geld uit te geven aan iets waarmee je meer geld kan verdienen, dan aan iets waardoor je op de vingers kan worden getikt.’
Het verschil met zijn vorige baan, Hoofdadvocaat-generaal bij het Hof in Amsterdam, is volgens Myjer, die eerder ook twaalf jaar rechter was in Nederland, groot. ‘Als hoofd van het Amsterdamse ressortsparket was ik voornamelijk manager. Hier kan ik op heel hoog niveau de hele dag juridisch bezig zijn. Dat is erg fijn.’ Tegelijkertijd gaat het soort zaken dat je hier krijgt voorgelegd je bepaald niet in de koude kleren zitten, vertelt Myjer. ‘De diepgang van de menselijke problematiek is hier nog groter dan in mijn vorige baan. Je moet jezelf keer op keer meegeven dat je die zaken in je hoofd niet mee naar huis neemt, want anders gaat het niet goed. Dat lukt me gelukkig vrij aardig.’
Hoe ingrijpend de impact van de functie van rechter aan het hof kan zijn, blijkt uit het opvallende verhaal dat de onlangs teruggetreden president van het hof, Luzius Wildhaber, in januari toevertrouwde aan NRC Handelsblad. Hij gaf daar aan ‘niet uit te sluiten’ dat hij in oktober 2006 op een dienstreis in Rusland is vergiftigd vanwege de kritische uitspraken die het hof de afgelopen jaren deed over het Rusland. Wildhaber balanseerde op het randje van de dood. Hij bracht de aanslag in verband met een eerder incident, een paar jaar geleden, waarbij de Russische permanente vertegenwoordiger – tegen alle regels van het protocol in - bij de president binnen stapte en op hoge toon eisen stelde over lopende procedures. Het grensde aan chantage, stelde Wildhaber. Een paar dagen later zei de Zwitser in dezelfde krant ‘spijt’ te hebben van die formulering, waarbij hij benadrukte dat er ‘geen enkel bewijs’ was.Myjer: ‘Ik heb het verhaal gelezen. Ik denk dat,wat er ook precies is gebeurd, één ding duidelijk is: dit is een volkomen onafhankelijk hof, dat zich niets gelegen laat liggen aan welke druk uit welk land dan ook. Waar mensenrechten op het spel staan, zal dit hof een onafhankelijke beslissing nemen.’ Maar hoezeer baart dit verhaal hem persoonlijk zorgen? Myjer laat een lange stilte vallen en zegt vervolgens: ‘Bij alles waarbij regeringen ons onvoldoende in staat stellen om onze taak te vervullen en waarbij regeringen blijkbaar onze rol onvoldoende onderkennen denk ik: dat is heel erg jammer.’
De stelling in het NRC-artikel dat door deze affaire de nervositeit onder de Straatsburgse rechters over hun positie is toegenomen, is volgens Myjer ‘onjuist’. ‘De nervositeit onder de rechters zit hem in het feit dat het veertiende protocol door Rusland is getorpedeerd. Daardoor kunnen we in onze procedures geen effiëncymaatregelen doorvoeren, terwijl intussen de voorraad zaken per maand met achthonderd toeneemt.’ Myjer verwijst naar de weigering van Rusland, afgelopen december, om een verdrag te ratificeren dat voor eenvoudiger procedures in Straatsburg moet zorgen. Die weigering wordt alom gezien als een reprimande van Poetin voor de kritische uitspraken die hof de afgelopen jaren deed over Rusland. De andere 45 lidstaten keurden Protocol 14 wel goed. Probleem daarbij is dat zonder de bepalingen uit het protocol 20 van de 46 rechters in een keer moeten vertrekken. Het opleiden van nieuwe rechters zal leiden tot grote vertragingen. Dat door het protocol het systeem van herbenoeming wordt afgeschaft, geniet de steun van Myjer: ‘Het opheffen van de mogelijkheid van herbenoeming is principieel gezien heel positief. Nu heeft een land, in het kader van de herbenoemingsprocedure, de macht om je als rechter de vraag te stellen of je wel voldoende geschikt bent, of je wel voldoende aardig bent geweest.’ Myjer geeft als voorbeeld de Moldavische rechter die, nadat in 2001 het voorstel tot zijn herbenoeming werd ingetrokken, zelfs niet meer terecht kon als rechter in eigen land en uitweek naar het buitenland. ‘In zijn algemeenheid is het natuurlijk zeer zorgelijk dat het mogelijk is dat iemand die hier in alle onpartijdigheid heeft gewerkt, daarvoor wordt aangepakt.’
In mei vorig jaar had René van der Linden, CDA-senator en voorzitter van de Parlementaire Assemblée van de Raad van Europa, een officieel gesprek met de Russische premier Poetin in Moskou. Dat gebeurde twee dagen nadat de Gay Pride in Moskou met geweld werd neergeslagen door de politie en tegenstanders. Van der Linden gaf Poetin complimenten over de voortgang die Rusland de afgelopen tien jaar had geboekt, maar over het neerslaan van de Gay Pride sprak hij met geen woord. Daarop klonk forse kritiek van homo-organisaties. Legitimeerde Van der Linde zo niet het beleid van Poetin, was de vraag. In juli zei Van der Linde daarover in PM: ‘Er was gewoon een andere agenda. Je kan niet alles bespreken.’ Myjer: ‘De Raad van Europa bestaat uit verschillende onderdelen. Er is een politieke component en daar is de parlementaire assemblee onderdeel van. Daarnaast is er ook een rechterlijke component. En het hof kent geen politieke voorzichtigheid bij het doen van een uitspraak. Ik denk dat meneer Poetin heel goed begrijpt dat er meer is dan alleen maar iemand die zegt dat hij aardig is. De Russische president is er zich heel goed van bewust dat er ook een instelling is die heeft gezegd dat er bijvoorbeeld in Tsjetsjenië veel mis is gegaan.’ In januari kreeg ook Nederland een forse tik op de vingers van het hof. Het oordeel luidde dat een asielzoeker bij de Nederlandse Raad van State bij voorbaat vrijwel kansloos is, doordat de staatsraden bijna blindelings afgaan op informatie van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Bert van Delden, voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, noemde daarop in Buitenhof de uitspraak ‘onbegrijpelijk’. Hij vroeg zich af of de Straatsburgse rechters ‘zich wel gerealiseerd hebben wat ze gedaan hebben’ met deze uitspraak.
Myjer reageert afgemeten: ‘Daar heb ik maar één commentaar op en dat is: lees het arrest volledig en met een onbevangen blik.’ Myjer plaatst verder een kanttekening bij de uitspraak in de zondagse televisie-uitzending : ‘Ik heb de woorden van Van Delden uitsluitend opgevat als zondagse privé-uitspraken en niet als een officieel standpunt van de Raad voor de Rechtspraak.’ De Straatsburgse rechter zegt meer waarde te hechten aan een persbericht van de vakbond van rechters, de Nederlandse Vereniging voor de Rechtspraak, die de minister van justitie adviseert de uitspraak snel te implementeren. ‘Dat is een officieel persbericht namens de vereniging, namens de rechters in Nederland.’ Myjer wacht verder ‘met belangstelling’ het antwoord af van de regering op de vraag van de VVD of het hof ‘de beleidsvrijheid’ van Nederland niet te veel aantast. ‘Ik heb zelf vroeger altijd geleerd dat als je van iemand die het misschien weten kan te horen krijgt dat iets fout zit, het ook nuttig kan zijn bij jezelf te rade te gaan. Soms heb je een externe auditeur nodig om je ergens bewust van te worden. Dat is precies onze rol.’
Verschenen in PM Europa, tijdschrift over bestuur en politiek in Europa
Reacties»
No comments yet — be the first.